Skip to the main content

Etiquette en gebruiken aan de bridgetafel

Etiquette en gebruiken aan de bridgetafel of: ‘hoe hjert it’?

Speciaal voor de beginnende bridger, maar zeker ook lezenswaardig voor de meer geroutineerde onder ons heeft jullie bestuur gemeend dit overzicht te moeten maken om de goede sfeer aan tafel te waarborgen. Vroeger, meer dan honderd jaar geleden, toen in Engeland door de aristocratie “Whist” werd gespeeld was de ‘table préséance’ in onze ogen enorm stijf….
Whist is door de tijd geëvalueerd naar Bridge, de losse spellen zijn vervangen door de boards, de mond is dichtgeplakt omdat wij onze biddingbox hebben en het scorekaartje is vervangen door de Bridge Mate.

Dat alles heeft gevolg gehad voor het spel, maar zeker ook voor de gebruiken aan tafel.  Een overzicht hoe wij hier mee omgaan.

  1. Taken vooraf
    Noord bedient de Bridge Mate, Oost controleert na ieder spel de score en Zuid verzorgt de spellen.
    Afwisselend is iedereen een keer de gever, degene die vroeger het spel deelde, of de ‘dealer’. Bij het spelen met boards biedt de gever iedereen de gelegenheid om zijn spel uit het board te nemen, helpt een speler als dat niet lukt of diegene er niet bij kan en neemt zijn spel als laatste uit het board. De gever is de speler die het eerst een bieding doet, maar niet voordat iedere speler al zijn kaarten in de hand heeft. Daar moet hij zich dus van vergewissen.
  2. De Biddingbox, Alerteer- en stopkaarten
    Door een kaart uit de biddingbox te nemen en die voor je op tafel te leggen, doe je een bieding. Eerst denken, dan een kaart pakken en niet frommelen aan diverse kaarten voordat er eentje wordt neergelegd.
    Ieder bod met een sprong wordt voorafgegaan door de stopkaart. Daarmee geef je de opvolgende speler 10 seconden tijd om zijn bieding te bedenken. Zou die stopkaart er niet zijn, dan kan het gebeuren dat de opvolgende speler gaat denken maar tenslotte past; zijn partner kan dan denken, ja hij past wel, maar heeft wel iets om over na te denken. Daar mag die partner, rechts van de stopkaart, geen gebruik van maken, dat is tegen de regels en om die partner dus te beschermen heeft de speler links van de stopkaart die 10 seconden gekregen.
    Elk conventioneel bod, elk bod dat niet natuurlijk of echt is, wordt door de partner gealerteerd om de tegenpartij er op te wijzen dat er iets bijzonders met dat bod aan de hand is. Iedere tegenspeler die aan de beurt is om te bieden mag dan vragen wat het bijzondere aan dat bod is. Het hoeft niet, het mag.
    En, net als alle andere kaarten uit de biddingbox moet ook het alertkaartje voor je op tafel worden gelegd en niet in de lucht heen en weer gewapperd worden. Ook de opmerking ‘o, dat bod moet ik alerteren’ kun je beter niet zeggen, leg het kaartje neer en wacht af…..
    Volgens de regels wordt een bod vanaf 4 niveau niet gealerteerd. Op Stepbridge wordt dit wel gedaan met de mogelijkheid om op dat moment direct uitleg te kunnen geven. Dus, dat mag, het hoeft niet.
    Overigens, iedere speler mag altijd uitleg vragen over het bieden van de tegenstander op het moment dat hij aan de beurt is om te bieden! Dus ook zonder dat het alertkaartje op tafel ligt of heeft gelegen. Maar heb je niets te vragen omdat je toch bij alle mogelijkheden past, vraag dan eventueel iets als de uitkomst dicht op tafel ligt.
    Moet je zelf uitkomen dan mag je alles vragen voordat je je kaart dicht op tafel legt.
  3. Spelen
    Als het bieden met 3X ‘pas’ is beëindigd, is de leider ‘gekozen’ en komt de speler links van de leider uit door zijn gekozen kaart dicht op tafel te leggen. Na een akkoord van de speler rechts van de leider wordt de dichte kaart open gedraaid en komt de dummy op tafel. Dat akkoord is nodig om iedereen aan tafel de gelegenheid te geven om te protesteren in het geval de verkeerde speler is uitgekomen.
    De leider speelt het spel en noemt de kaart die hij uit de dummy wil spelen door eerst de kleur en dan de hoogte te noemen, dus bijvoorbeeld ‘klaver 4’.
    Iedereen speelt op zijn beurt bij in een slag en laat zijn kaart open op tafel liggen totdat de speler die de slag wint zijn kaart dicht draait. Daarna volgen de anderen, maar let op, een eenmaal dicht gedraaide kaart mag niet meer worden ingezien, en dat geldt voor iedereen, ook voor de leider!
    Is er een speler die nog zit na te denken over de slag en zijn kaart nog open heeft, dan mag die speler altijd vragen om de slag nog eens in te zien; iedereen draait zijn kaart dan weer open.
    De dichtgedraaide kaarten van een slag legt iedereen voor zich op tafel, een gewonnen slag verticaal, een slag voor de tegenpartij horizontaal. Aan het eind van het spel telt iedereen zijn slagen en als er overeenstemming is omtrent het resultaat, toetst Noord dat in de Bridge Mate en kan Oost het controleren.
  4. Dummy
    Tijdens het spelen heeft de dummy een speciale functie, die mag namelijk niets doen, behalve de kaart pakken die de leider noemt. Geen suggestie doen en niet met de vingers wijzen om de leider ergens op te attenderen; handen van tafel dus.
    Wat de dummy wel mag tijdens het spelen is te vragen aan zijn partner, de leider, of die niet verzaakt bij niet bekennen. Ook mag de dummy voorkomen dat uit de verkeerde hand wordt voorgespeeld, maar een eenmaal door de leider genoemde kaart geldt als ‘gespeeld’.
  5. Vergissen of Afwijken
    Iedereen vergist zich wel eens, dus dat gebeurt soms ook bij het bridgen! Vraag de arbiter de vergissing te corrigeren en het spel kan weer door….. Een speler kan ook afwijken van het systeem en dat mag, mits zijn partner er geen weet van heeft!
    Maar speciale aandacht voor een vergissing bij biedingen waarbij wel of niet een alert wordt gegeven of bij een foute uitleg van een bod. Daardoor kan het zijn dat de tegenpartij zich achteraf, als het spel is gespeeld, benadeeld voelt en de arbiter roept.
    Is de overtredende partij het eens over de vergissing dan heeft de arbiter het relatief gemakkelijk. Maar zijn de beide partners het niet eens over een biedsituatie die de arbiter moet beoordelen, dan zal de arbiter om de systeemkaart vragen. Hij wil zien welke partner het bij het rechte eind heeft om de vergissing recht te kunnen zetten. Is er geen systeemkaart dan is het gokken voor de arbiter wie er gelijk heeft.
    Dus hierbij een oprechte oproep om de systeemkaart, zeker in de hoogste lijn, altijd bij je te hebben!
  6. Arbitreren
    De arbiter is er om het spel na een ‘ontsporing’ weer op de rails te zetten; niet om straf uit de delen. Roep hem dus beslist als er iets gebeurt dat niet volgens de regels is, dus bijvoorbeeld voor een verzaking, als er verkeerd wordt uitgekomen of als er per ongeluk een kaart open op tafel valt.
  7. Speeltijd
    De speeltijd wordt aangegeven door de klok en is normaal 30 minuten per ronde. Vijf minuten voor het einde van een ronde gaat er een signaal om aan te geven dat je met het laatste spel moet zijn begonnen. Is dat niet het geval en ben je nog druk bezig om spel 3 af te ronden, dan kan spel 4 niet normaal meer worden gespeeld. In dat geval wordt het spel als ‘niet gespeeld’ in de Bridge Mate genoteerd (toets = 0).
    We gaan pas wisselen na het eindsignaal om de volgende tafel op te zoeken. Wordt daar nog een spel afgehandeld, ga dan niet bij die tafel staan wachten maar neem even wat afstand om geen informatie over dat laatste spel op te vangen.
  8. Afsluiting
    Tenslotte, iedereen doet zijn best en wil winnen, want op de club spelen we een competitie. Het blijft een spel maar het is wel een denkspel; iedereen moet de ander ook de gelegenheid geven om ergens over na te kunnen denken.

    En, wil je meer weten over ‘hoe en wat’ dan zijn er voor een paar euro in de Bridge Winkel twee werkjes beschikbaar die zeker de moeite waard zijn, beide geschreven door Rob Stravers:
    – Gids voor Bridge, rechten en plichten voor een plezierige sfeer
    – Perfect Rechtgezet, de meest voorkomende arbitrages

  9. Resumerend onze 10 geboden:

    Wees hoffelijk en zorg voor een goede sfeer aan tafel
    • Bied niet voordat iedere speler al zijn kaarten in de hand heeft
    • Gebruik de stopkaart bij ieder sprong bod
    • Alerteer elk bod dat niet natuurlijk of echt is
    • Kom met een dichte kaart uit
    • Benoem een kaart door eerst de kleur en dan de hoogte te noemen
    • Als dummy pak je de kaart die partner noemt
    • Gebruik de systeemkaart
    • Vraag de arbiter om een ontsporing op te lossen
    • Gebruik je speeltijd en ga daarna pas over bijv. het weer of voetbaluitslagen praten!

 

 

 

 

Andere artikelen
Fijne Kerst

Fijne Kerst

Fijne Kerstdagen en een voorspoedig 2026 met veel bridgeplezier.

22/12/2025 - Wim Bruinsma
Scherp snijden met SOLA

Scherp snijden met SOLA

Onze bridgeclub heeft de kaartenbak kunnen uitbreiden, en wel met een groot pakket kaarten...

03/10/2025 - Wim Bruinsma
Opnieuw een workshop voor leden en niet leden

Opnieuw een workshop voor leden en niet leden

De nieuwe competitie is pas net begonnen en wij kondigen alweer een workshop aan. Doe mee en maak...

23/09/2025 - Tjalle Hijlkema